Tagarchief: Prikkelverwerking

Misverstanden over prikkelverwerking

Een paar dagen geleden schreef Mantelmama een interessante post over slaapproblemen door overprikkeling. Zij gaat er in haar post vanuit dat veel mensen (ouders) een redelijke algemene kennis hebben over prikkelverwerking en overprikkeling. Ik hoop dat ouders van kinderen met prikkelverwerkingsstoornissen hier inmiddels aardig wat kennis over hebben. Zelf kom ik echter nog veel misverstanden tegen. Vandaag deel ik er een aantal.

1. Prikkelverwerkingsstoornissen zijn een kinderziekte. Omdat er tegenwoordig steeds meer kinderen gediagnosticeerd worden met ontwikkelingsstoornissen waarbij prikkelverwerking een rol speelt, zoals autisme en ADHD, denken mensen dat volwassenen hier geen last van kunnen hebben. Mis! Autisme, ADHD enz. gaan ten eerste niet over als een kind opgroeit. Ten tweede zijn er ook oorzaken van prikkelverwerkingsproblemen die op latere leeftijd optreden, zoals niet-aangeboren hersenletsel.

2. Prikkelverwerkingsproblemen zijn aanstelleritis. Was dat maar waar! Mensen zonder prikkelverwerkngsproblemen kunnen zich helaas moeilijk voorstellen hoe het is om constant overweldigd te worden. Omdat prikkelverweringsproblemen zich vaak uiten als gedragsprobleen, denken mensen dat het kind (of de volwassene) gewoon eens moet leren dat niet de hele wereld zich aan hem kan aanpassen. Dat is natuurlijk wel zo maar dat moet ieder kind leren, want jonge kinderen zijn van nature best egocentrisch. Overprikkeling is een serieus probleem. Hoewel een persoon hiermee kan leren omgaan, passen veel oudere kinderen en volwassenen met prikkelverwerkingsproblemen zich al heel veel aan. Dan mogen ze best verwachten dat er soms rekenig met ze gehouden wordt. Net alss een ernstige fysieke overgevoeligheid/allergie voor bijvoorbeeld een bepaald voedingsmiddel, is het lijden echt. Oké, je gaat niet dood aan overprikkeling en wel aan een ernstige allergische reactie maar je functioneren wordt wel ernstig beperkt als je overprikkeld bent.

3. Overprikkeling is angst, dus exposure (de persoon toch blootstellen aan de vermeden stimulus) werkt. Ten eerste is er nog niet voldoende bewijs dat exposure werkt bij prikkelverwerkingsproblemen. Ten tweede, voor zover als het wel zou kunnen werken, wordt het vaak verkeerd toegepast. Ik krijg vaak te horen dat ik gewoon moet doorzetten en dat dan mijn “angst” voor bepaalde prikkels overgaat. Exposure bij angststoornissen gebeurt normaal gesproken heel geleidelijk onder begeleiding van een getrainde therapeut. Dan kun je, zelfs al zou het hier om een angst gaan, niet verwachten dat een niet-getrainde professional of ouder dit goed kan toepassen.

Sensorische integratietherapie maakt wel gebruik van het blootstellen aan bepaalde prikkels. Dit gebeurt echter in een gestructureerde, veilige omgeving en onder begeleidng van een speciaal opgeleide ergotherapeut. Ook een “sensorisch dieet” gebruikt prikkels maar daarbij gaat het om prikkels en activiteiten die de persoon kunnen helpen zich beter voelen.

4. Alle mensen met prikkelvewerkingsproblemen zijn snel overprikkeld. Omdat overprikkeling vaak het best te herkennen is, wordt onderprikkeling nog wel eens genegeerd of als iets anders afgedaan, zoals hyperactiviteit of “gewone” verveling. Het wordt ook vaak niet herkend dat mensen zowel last kunnen hebben van over- als onderprikkeling. Dit kan zelfs in hetzelfde zintuig het geval zijn. Sommige mensen hebben een hekel aan lichte aanraking maar vinden het heerlijk om stevig geknuffeld te worden bijvoorbeeld.

5. Je kunt altijd zien of een persoon last heeft van prikkels. Zoals Mantelmama schrijft, zijn er mensen die hun overprikkeling uiten maar ook mensen bij wie dit er later pas uitkomt, bijvoorbeeld als ze moeten slapen. Ook veel mensen die soms hun problemen met prikkels uiten, kunnen zich op andere momenten goed aanpassen. Het kan dan zijn dat je je afvraagt wat er nu zo overweldigend is, terwijl de persoon nog moet ontprikkelen van een overweldigende gebeurtenis eerder op de dag.

6. Er bestaat medicatie tegen overprikkeling, dus een “sensorisch dieet” of begeleiding bij het omgaan met prikels is niet nodig. Ik kan me herinneren dat, toen ik net opgenomen was, ik eens licht geïrriteerd reageerde op het geluid van een elektrische zaag. De verpleegkundige die bij me was, reageerde eveneens geïrriteerd dat ik moest ophouden of een zo-nodigtabletje innemen. Er is niet bewezen dat medicatie daadwerkelijk overprikkeling tegengaat. Natuurlijk is het zo dat bepaalde medicijnen, zoals antipsychotica, dempend werken op het brein. Er wordt echter vooral gekeken naar het effect op gedrag en een persoon die te suf is om te reageren op prikkels, lijkt mogelijk onterecht niet overprikkeld. Los van de vraag of medicatie echt werkt, is mijns inziens medicatie geen vervanging van goede begeleiding. Ik slik al jaren medicatie maar wou serieus dat ik eens geholpen werd bij een goed “sensorisch dieet” te creëren voor mezelf.< ?p>

Al met al is het belangrijk rekening te houden met prikkelverwerking bij kinderen (en volwassenen) met gedragsproblemen. Prikkelverwerkingsproblemen zijn geen aanstelleritis, opstandigheid of angst en mensen kunnen zich er niet zomaar overheen zetten.

Heb jij of heeft jouw kind last van prikkelverwerkingsproblemen?