Lichtpuntjes #1

De afgelopen tijd gaat het niet super. Ik ben erg somber en heb weinig motivatie om wat dan ook te doen. Bloggen schoot er sowieso al maanden zowat bij in, dus dat lukte me zeker niet. Niet verwonderlijk dus dat ik met de #AtoZChallenge op mijn Engelstalige blog al na een dag kapte. De #AtoZChallenge, waar ik in 2015 en 2016 aan meedeed, is een uitdaging waarbij je ielke dag van april behalve zondagen een bericht post volgens de letters van het alfabet. Veel mensen kiezen een thema en ik was zo stom om “ontwikkelingsstoronissen” te kiezen. Tcoh iets te lastig nu ik die diagnose kwijt ben.

Vorige week donderdag postte ik wel een bericht voor een linkparty, de Liked and Loved Linky. Ik noemde deze post op mijn Engelstalige blog “Rays of Sunlight”. Dit inspireerde me om het idee van het schrijven over lichtpuntjes, wat ik op al mijn eerdere Nederlandstalige blogs had, nieuw leven in te blazen. Beetje hetzelfde als een dankbaarheidslijstje maar ik vind “lichtpuntjes” een mooier woord. Helaas was ik de afgelopen week extreem somber. Vandaag is dat beter, dus hier volgen mijn lichtpuntjes van de afgelopen tijd.

I Love Myself Box

I Love Myself Box

Ik was eigenlijk al sinds ik hem in huis kreeg half februari van plan een volledige review van deze box te schrijven maar daar kwam ik niet aan toe. Ten eerste omdat het weken duurde voor ik eraan toekwam er een foto van te laten maken en ten tweede omdat ik nog steeds *schaam* niet alle producten heb uitgeprobeerd. Voor wie hem niet kent, de I Love Myself Box is een gepersonaliseerde verrassingsbox van Huidverzorging Mireille. Je krijgt, als je de box bestelt, een vragenlijst, op basis waarvan Mireille producten die bij je kunnen passen, selecteert. Mijn box is echt super. Ik ontving een handcrème met aardbeiengeur, een Pupa Milano lipgloss, een set gezichtsverzorging, een badbruisbal el een doosje Little Hotties. Little Hotties zijn tere waxmelts, dus super dat die erbij zaten. De bruisbal moet ik wel snel gaan gebruiken, want thuis heb ik geen bad.

Lekker eten

Een paar weken terug besloot mijn man dat de zaterdag voortaan “pizzaterdag” was. Deze week hebben we ons hier niet aan gehouden maar de vorige drie weken wel. We haalden twee keer pizza en één keer smeten we er zelf één in de oven. Onze oven was trouwens kapot maar inmiddels hebben we een nieuwe.

Donderdag kookten een paar patiënten samen met de verpleging spaghetti bolognese voor de afdeling. Dit was ook erg lekker en dan bedoel ik niet alleen in vergelijking tot de kant-en-klaartroep die we normaal krijgen.

Herinrichting keuken en nieuwe vloer boven

Toen we een nieuwe oven kochten, besloten we ook gelijk de keuken opnieuw in te richten. Geen nieuwe apparatuur, behalve die oven dan maar mijn man veprlaatste de koelkast en magnetron. Nu kookt hij geloof ik ook weer elektrisch op ons tweepittertje, wat ooit bedoeld was voor als ik wilde koken. Ik heb het zelf nog niet geprobeerd.

Boven in mijn en zijn werkkamers heeft mijn man nieuwe vloerbedeking gelegd. Nou ja, er lag eigenlijk nog geen vloerbedekking. Nu ligt er mooi laminaat.

Wandelen, boxen en nagels lakken

Afgelopen week was ik dus best somber. Eén van de verpleegkundigen heeft mij toen een paar keer voor een flinke wandeling uitgenodigd. Ik ben dol op wandelen en, al kan ik er op zo’n momnet niet zo van genieten, ik kan er wel mijn energie in kwijt. Dat geldt ook voor boxen. Diezelfde verpleegkundige doet in haar vrije tijd aan boxen en had bedacht dat ze een keer de boxpads voor me zou meenemen. Dit had ze al een paar keer eerder gedaan en afgelopen donderdag nam ze ze weer mee. Lekker rammen op die dingen. zij zorgde ervoor dat ik tegen de pads ramde en niet tegen haar. Overigens leert ze me ook echt wat technieken van boxen. Zo probeerde ik donderdag voor het eerst een upper cut. Best vermoeiend maar heerlijk.

Donderdag had één van de stagiaires van mijn afdeling ook nagellak meegenomen. Ik bijt nagels maar vond het toch wel leuk om even mijn nagels gelakt te hebben.

Het weer

Nou ja, vandaag dan. De afgelopen dagen was het op zich ook niet koud of regenachtig maar vandaag is het echt lekker. Vorige week donderdag, toen het ook zulk mooi weer was, zat ik helaas bijna de hele dag binnen. Ik moest namelijk thuis zijn en was bang dat Barry, de kat, naar buiten zou glippen als ik in de tuin zou gaan zitten. Wel ben ik toen ’s avonds bij mijn schoonouders geweest en heb daar in de tuin gezeten. Ik heb toen ook één van de paarden van mijn schoonfamilie geaaid.

Wat waren voor jou lichtpuntjes de afgelopen tijd?

Terugblik #7: intake second opinion en psychologisch onderzoek

Afgelopen donderdag was het tien jaar geleden dat ik mijn autismediagnose kreeg. Ik heb hier wel bij stilgestaan maar vond het toch moeilijk hier in het openbaar over te schrijven. Ik bedoel, ik heb die diagnose niet meer. Bovendien heb ik het overgrote deel van die tien jaar in een instelling doorgebracht. Dit realiseerde ik me ook met een schok. De tijd vliegt als je ouder wordt.

De afgelopen weken zit er wel enige vooruitgang in. Er is inmiddels een richtdatum vor mijn ontslag uit de psychiatrische instelling bepaald: 1 mei. Niet dat er al iets geregeld is voor nazorg maar oké. Verder had ik 23 februair mijn intakegesprek voor de second opinion over mijn diagnose en afgelopen woensdag een psychologisch onderzoek. Vandaag praat ik jullie hierover bij.

intake

Ik heb mijn second opinion bij het Radboudumc. Bij de intake werd mij verteld dat ik op de goede plek was, want men kon hier zowel kijken naar autisme, hersenletsel als ook naar persoonlijkheidsproblematiek, wat mijn huidige diagnose is. Ik wist dit ergens wel, omdat ik zelf deze instantie had uitgezocht. Toch fijn om bevestiging te krijgen. Tijdens de intake namen we verder mijn levensloop door. Ik legde uit waar ik op verschillende leeftijden tegenaan liep en wat mijn sterke kanten en interesses waren. Het bleek dat de klinisch neuropsycholoog met wie ik het gesprek had, wel aanwijzingen voor autisme ziet. Ik had van tevoren ook al de autismespectrumvragenlijst (ook bekend als AQ-test) ingevuld naast nog wat andere vragenlijsten. Omdat de psych dus aanwijzingen voor autisme zag, kreeg ik voor mijn man en ouders ook een versie voor naasten mee en voor mijn ouders nog enkele andere vragenlijsten. Ik zat erbij toen mijn man de vragenlijst invulde en vond dit best lastig. Denk dat hij me autistischer heeft gescoord dan ik mezelf.

Psychologisch onderzoek

Als vervolg op de intake kreeg ik dus een psychologisch onderzoek. Dit bestond uit vragenlijsten en tests. Een deel van de vragenlijsten kunnen patiënten normaal gesproken zelf op papier invullen maar dit lukt voor mij natuurlijk niet en een computerversie was er niet. Er was bij de intake een stagiaire psychologie aanwezig en die zou met mij de vragenlijsten kunnen invullen. Dit vond ik wel fijn, want als ik ze met een verpleegkudnige of zelfs mijn man zou moeten invullen, zou ik misschien niet eerlijk durven zijn. Een deel van de vragenlijsten kende ik al van eerdere onderzoeken. Zo was er één over hoe je met problemen omgaat. Die hebben we ooit zelfs tijdens mijn hbo-studie in de psychologische richting moeten invullen. Omdat de docent hem wou voorlezen en mijn antwoorden opschrijven en omdat ik wist dat ik geen geweldige copingstijl heb, heb ik dit toen geweigerd. iK scoorde namelijk hoog op vermijding en hij hield een heel verhaal dat je dat soort mensen niet als werknemers wilt hebben.

Verder was er een vragenlijst over iets met herkennen van emoties. Vond ik best confronterend, want ik snap echt niks van nuances in emoties. Dan nog een vage vragenlijst die volgens mij het aandeel systematiseren versus empathiseren (één theorie over autisme) meet. Een vraag was bijvoorbeeld of je aandacht bij het lezen van de krant getrokken wordt door tabellen met informatie, zoals beurskoersen. Nou lees ik nooit de krant maar heb wel ooit een heuse fiep met beurskoersen gehad, zonder overigens het idee te begrijpen. Ik wilde namelijk dat de AEX laag stond, omdat er dan mooie getallen kwamen. Tegenover mijn interesse in getallen en rijtjes ifnormatie staaat echter dat ik er niets mee kan. Ik kan bijvoorbeeld echt geen kasboek bijhouden.

Naast deze vragenlijsten en nog een paar algemene persoonlijkheidsvragenlijsten kreeg ik dus ook tests. Er waren verschillende geheugentaken bij. Eén was echt heel frustrerend. Je krijgt hierbij een lange rij cijfers te horen en moet telkens de laatste twee optellen. Als de rij bijvoorbeeld begint met 5 4 2, is het eerste antwoord negen, dan zes enzovoort. Ik raakte op een gegeven mometn verveeld en afgeleid. Er was ook een taak, die geloof ik iets over taal zegt, waarbij je in één minuut tijd zo veel mogelijk woorden met een bepaalde letter of in een bepaalde categorie (bv. dieren) moet noemen. Bij de dierencategorie flapte ik er als eerste ezel, eekhoorn en bananenspin uit. “Ezel” is mijn mans nickname voor mij als hij mijn autistische identiteit erkent (van ass, de familienaam voor ezels in het Engels, of ASS voor autismespectrumstoornis). “Eekhoorn” is soms een nickname voor hem en “bananenspin” is ons codewoord voor verveling. Na die drie woorden blokkeerde ik vriwel.

Ik kreeg ook wat volgens mij een deel van de WAIS-IV intelligentietest is. Oudere versies van de WAIS bestaan uit een verbaal en een non-verbaal (performaal) deel. Het performale deel is voor mij niet mogelijk, omdat ik blind ben. In de nieuwe WAIS is deze onderverdeling overigens losgelaten maar dat betekent niet dat de non-verbale delen ineens mogelijk zijn. Ik deed het vast wel aardig en had denk ik nog steeds dezelfde sterke kanten (overeenkomsten, rekenen) en zwakkere kanten (begrijpen) als toen ik voor het laatst een intelligentietest kreeg. Toch viel het me tegen, omdat ik toch de ndruk wek een extreem hoog IQ te hebben. Althans, mijn ouders denken er zo over. Volgens mijn moeder wil ik dit gewoon niet weten. Of ze bedoelde dat ik mijn best niet deed, of dat ik mijn prestatie onderschatte, weet ik niet.

Ik kreeg nog één test, die volgens mij gericht is op theory of mind (een soort van inlevingsvermogen wat bij autitische mensen beperkt kan zijn). Die taak vond ik heel frustrerend. Ik vond hem zelfs erger dan de Dewey Story Test, een test voor sociaal inzicht die ik bij een eerder onderzoek kreeg en waarop ik zwaar faalde.

Ik vond voor het eerst dat ik een psychologisch onderzoek onderging, de vragenlijsten het minst erg. Ik bedoel, natuurlijk zijn er wel goede en foute antwoorden, oftewel antwoorden die op een stoornis duiden. Zo’n stoornis gaat echter niet over als ik zou liegen op een vragenlijst. Het lukte me dus om eerlijk te zijn. Ik ben benieuwd wat de uitkomst is.

Psychisch lijden moet veel serieuzer genomen worden

Vandaag schreef Leonie een interessante post over psychisch lijden. Zij vindt dat psychisch lijden veel serieuzer genomen moet wroden en daar ben ik het helemaal mee eens.

De discussie die Leonie beschrijft, begon over euthanasie. Dit is een heel controversieel onderwerp waar ik zelf nog niet over uit ben wat ik ervan vind. De psychiater Bram Bakker schreef ooit een column tegen euthanasie bij psychisch lijden. Hij vond in elk geval toen dat er bij psychisch lijden altijd de mogelijkheid is dat een (nieuwe) behandeling uiteindelijk aanslaat. Natuurlijk, aan terminale kanker ga je binnen enkle maanden dood, dus heb je niet de kans om te wachten op een beter medicijn. Aan de andere kant, moet je als persoon met zeg een zware depressie die niet reageert op zelfs de meest heftige medicatie en elektroshocktherapie, verplicht worden nog bij wijze van spreken twintig jaar te wachten tot er een beter medicijn op de markt komt? Het grootste verschil tussen psychisch en fysiek lijden wat betreft euthanasie, is dat je aan een psychische ziekte niet direct doodgaat.

De discussie ging echter verder. Psychisch lijden zou volgens Leonie haar gesprekspartner meer een keuze zijn dan fysiek lijden. Hier kan ik echt boos om worden. Ten eerste suggereert dit dat er een harde grens is tussen geest en lichaam. Dit is onzin. Licht psychisch lijden reageert inderdaad het beste op psychologische behandeling. Bij ernstig psychisch lijden is dit niet het geval. Er is niet bewezen dat hierbjj een duidelijk onderscheid is tussen de oorzaken van het psychisch lijden: iemand die zwaar in een depressie valt na een scheiding, heeft meer baat bij medicatie dan bij psychotherapie, terwijl iemand die “zomaar” licht depressief is, meer baat heeft bij psychotherapie. Bij een euthaansiewens die enige kans heeft gehonoreerd te worden, gaat het altijd om zeer zwaar psychisch lijden. Ook moet iemand alle beschikbare behandelingen aangrijpen. Interessant genoeg is dit bij kanker weer niet zo.

Er rust sowieso een enorm stigma op psychisch lijden, los van de discussie over euthanasie. Toen ik in 2007 opgenomen werd in de psychiatrie, kwamen mijn ouders met de arts praten. Ze vertelden hem dat ik al vanaf kinds af aan regelmatig een doodswens had geuit, dus het zal wel niet zo serieus zijn. Ondertoon: als ik het echt meende, was ik op mijn 21ste wel dood geweest en, als ik het niet echt meende, was het dus een roep om aandacht. Los van het feit dat aandacht een normale mensenlijke behoefte is en “een roep om aandacht” dus helemaal niet zo gek is, zijn er meer oorzaken van terugkerende suïcidaliteit.

Ik heb bijvoorbeeld borderline(trekken). Borderline is een emotieregulatiestoornis, waarbij mensen dus zeer heftige, plotselinge stemmingswisselingen ervaren. Ook al is een emobui bij borderline vaak van korte duur, deze kan als zeer overweldigend ervaren worden. Tien procent van de borderliners overlijdt overigens door zelfmoord. Ook al gaat het dan in veel gevallen om een impulsieve actie, daar heb je in je graf of urn niks aan.

Daarnaast is er bij mij mogelijk sprake van depressiviteit. Ik ben niet ernstig depressief – heb momenteel de diagnsoe depressieve stoornis NAO, omdat ik dus blijkbaar niet aan de criteria van een “gewone” depressie voldoe. Bij depressiviteit speelt vaak dat mensen wel doodsgedachten hebben maar niet de energie hebben om daadwerkelijk zelfmoord te plegen. Mensen lijden echter wel onder die doodsgedachten. Ik tenminste wel: het is niet leuk om geregeld aan de dood te denken (en dan heb ik nog relatief lichte klachten). Voor mensen met een zware depressie kan de gedachte aan de dood constant zijn. Overigens kan, door de manier waarop antidepressiva werken, iemand kort na het starten met medicatie juist zelfmoord plegen. Dit is geen onwil om de mdicatie zijn werk te laten doen: de medicatie zorgt er eerst voor dat je actiever wordt en daarna pas dat je stemming verbetert. Als je je dus nog steeds depressief voelt maar wel weer energie hebt, is de kans groter dat je naar je doodswens handelt.

Zoals ik al zei, is het voor de persoon zelf echt niet leuk om doodsgedachten te hebben. Je kunt als buitenstaander wel denken dat iemand jou hiermee wil belasten maar hij wordt er zelf het zwaarst door belast. Als ik een knop kon omzetten en geen doodsgedachten meer hebben, zou ik het puur voor mezelf al doen. Ik zou dan ook gelijk mijn andere psychische klachten uitschakelen. Bijkomend fijn dat ik dan niet meer voor stijgende zorgkosten zorg met het instellingsbed wat ik bezet houd.

Omgekeerde bucketlist tag

Vanavond ben ik al twee keer aan een post begonnen maar kon deze niet afmaken. Toch voel ik de behoefte om iets op mijn blog te zetten. Ik vul daarom de omgekeerde bucketlist tag in. Deze gaat erover wat je in je leven al bereikt hebt tot nu toe.

1. Wat is je burgerlijke staat?
Ik ben gehuwd. Op 19 september 2011 trouwden Jeroen en ik. Ik schreef al eerder een terugblik op mijn trouwdag.

2. Heb je gestudeerd?
Ja maar ik heb niks afgemaakt. Ik heb een jaar een oriënterende propedeuse in de psychologische en pedagogische studies gedaan (collegejaar 2006/2007) en in 2007 twee maanden taalwetenschap gestudeerd. Later heb ik nog enkele cursussen op de Open Universiteit gevolgd.

3. Welke landen heb je bezocht?
Daar heb ik ook al eerder over geblogd. Het mooiste land waarheen ik tot nu toe op vakantie ben geweest, was Zwitserland.

4. Wat is je duurste / grootste aankoop?
Onze vorige auto, de Kia Rio. Die heb ik grotendeels betaald en kostte 2250 euro. Aan onze huidige auto, die duurder was, heb ik in de aanschaf niets bijgedragen.

5. Wat heb je ooit gegeten dat je niet snel weer zal eten?
Als er iets “bijzonders” wordt bedoeld (zoals insecten of zo), kan ik niks bedenken. Het eerste wat bij mij opkwam, was zuurkool. Bah, als ik één ding echt niet lust, is het dat wel.

6. Wat heb je als puber gedaan, waar je misschien liever niet meer aan terugdenkt?
Ik was fysiek agressief. Zelf kan ik me dat überhaupt niet herinneren maar mijn ouders hebben dit aan de psycholoog die mijn autismediagnose oorspronkelijk stelde, verteld. Ook liep ik vaak weg van huis. Niet dat ik echt dagen wegbleef. Meestal was ik binnen een paar uur weer terug.

7. Wat is je levensinstelling / motto?
Nou ik ben best wel een pessimist en heb niet echt een inspirerend motto. Ik probeer wel zo veel mogelijk te genieten maar dat lukt lang niet altijd.

8. Waar ben je het meest trots op, op professioneel vlak?
Als er werk wordt bedoeld, heb ik echt niks bereikt. Ik heb namelijk nooit een baan gehad. Ik zeg dus maar het feit dat ik mijn vwo-diploma heb gehaald. Eigenlijk ben ik daar helemaal niet zo trots op. Op mijn Engelstalige blog ben ik wel vrij trots en ook op het feit dat ik dit blog toch redelijk volhoud. Beide zijn echter puur hobby.

9. Noem drie dingen die je hebt gedaan waarvan je verwacht dat niet iedereen dat heeft gedaan.
Drie? Tjonge, ik kan echt alleen maar negatieve dingen bedenken, zoals opgenomen zijn. Oh ja, de enige die nu bij me opkomt, is een stuk gepubliceerd krijgen in een boek. In 2015 kwam Typed Words, Loud Voices onder redactie van Elizabeth Grace en Amy Sequenzia uit. Hier staat van mij een stuk in.

Dit waren alweer de vragen. Als je wilt, mag je natuurlijk deze tag overnemen.

Twaalf tips tegen eetbuien

Vanmiddag ging ik naar de stationswinkel hier in Wolfheze. Een verpleegkundige die nogal into gezonde voeding is, adviseerde me om geen snoep te halen. Gezond eten verkoopt men daar echter niet of is belachelijk duur. Ik wilde dus eerst alleen chips en tomatensoep kopen. Niet dat chips gezond is maar het is tenminste geen snoep. Uiteindelijk nam ik om die verpleegkundige een hak te zetten, ook een zakje snoepkersen mee (want kersen zijn fruit, dus gezond…). Nu zijn we net een paar uur verder en is alles behalve de tomatensoep allang weer op. Hallo eetbui. Om mezelf te motiveren tegen de eetbuien te vechten, zocht ik op internet naar tips tegen eetbuien. Vandaag deel ik een aantal tips die ik vond en tips die ik zelf als nuttig ervaar.

1. Denk in termen van wat mag, niet in termen van wat niet mag. Deze tip kwam ik tegen en vind ik heel mooi. Vaak word ik heel opstandig als iemand zegt dat ik beter niet kan snoepen. Dit zie je hierboven al: om de verpleegkundige die mij waarschuwde, te plagen, kocht ik snoep. Natuurlijk mag ik niet elke dag een zak chips leeg eten maar het is beter om hier niet op te focussen. Je kunt je in plaats daarvan focussen op het eten wat je wel elke dag mag eten.

2. Eet voldoende en regelmatig. Een crashdieet is geen oplossing voor een eetprobleem. Ook als je niet bewust aan het diëten bent, kun je toch te weinig eten. Ik had bijvoorbeeld voor de lunch vandaag maar één boterham gegeten, wat echt te weinig is.

3. Je kunt op elk moment van je leven beginnen met een gezonder eetpatroon. Als je een terugslag of zelfs volledige terugval hebt, betekent dit niet dat het “toch geen zin heeft” of “toch al verpest is”. Elke eetbui die je niet hebt, is er één minder.

4. Stel het uit. Een tip die ik ooit tegenkwam als advies om om te gaan met zucht naar verslavende middelen, is “urge surfing”. Het gaat er hierbij om niet te veel aandacht te besteden aan de zucht. Dat betekent niet dat het er niet is of mag zijn maar je moet het ook niet groter maken. Dit betekent ook: negeren in plaats van ertegen vechten. Uiteindelijk zul je misschien wel weer onweerstaanbare eetbuidrang krijgen maar hoe langer je het uitstelt, hoe beter.

5. Weeg jezelf niet (te vaak). Ik merk zelf dat, wat het getal op de weegschaal ook is, ik het altijd wel als een excuus kan zien om een eetbui te houden. Natuurlijk is het belangrijk dat je niet al te zwaar wordt maar dit kun je ook aan je kleding en conditie merken. Focus je trouwens niet op afvallen, want voor veel mensen met een eetprobleem is een focus op gewicht en afvallen een trigger.

6. Laat je gevoel er zijn. Vaak zijn eetbuien een manier om gevoelens te onderdrukken. Dan komen die gevoelens echter vaak dubbel zo hard terug.

7. Zoek een sport of bewegingsactiviteit die bij je past. Ik krijg vaak als tip om te gaan sporten i.p.v. eten. Goed bedoeld natuurlijk maar het moet wel bij je passen. Op de crosstrainer staan, houd ik misschien een kwartier vol en dan gebruik ik het weer als smoes om te mogen eten. Ik vind wandelen, yoga en oefeningen met de fitnessbal of weerstandband veel fijner, zeker als ik eetbuidrang heb. Als ik geen drang heb, wil ik best op die crosstrainer, want het is wel gezond. Het is echter nog beter om een activiteit te vinden die bij me past en die ik langere tijd kan volhouden. Ik zit al maanden na te denken om te gaan zwemmen maar durf dit niet te vragen. We hebben namelijk een zwembad op het instellingsterrein maar hiervoor moet je door je behandelaar worden aangemeld.

8. Zoek positieve, plezierige manieren van afleiding. Ik schreef dit oorspronkelijk als tip hierboven en begon toen over sporten. Veel mensen die aan eetbuien lijden, beleven echter geen plezier aan bewegen. Het is meer iets wat “moet”. Dat klopt ook wel (zoals ik hierboven zei) maar het geeft mij in elk geval niet de euforie die een eetbui geeft. Zoek dus activiteiten die je kunnen afleiden en die tenminste wel een positief gevoel geven. Het kan hierbij dus ook gaan om alleen maar muziek luisteren of een serie bingewatchen.

9. Vier al je overwinningen en besteed niet te veel aandacht aan je terugslagen. Er was een tijd dat ik bijna elke dag eetbuien had. Ik deed mee aan een topic op het forum van Proud2Bme om van eetbuien af te komen maar werd vaak niet gemotiveerd, omdat de teller elke keer weer op “nul dagen eetbuivrij” stond. In plaats daarvan ervaar ik dat het me meer helpt als ik uitgebreid stilsta bij de dagen dat ik eetbuivrij ben en niet te veel aandacht schenk aan mijn terugslagen. Dit betekent niet dat je een dag dat je een terugslag hebt maar gewoon voorbij moet laten gaan – anders was deze post een beetje hypocriet. Maar focus je op het positieve.

Het heeft ook geen zin om je uitgebreid schuldig te gaan voelen over een terugslag. Misschien heltp het je om de volgende keer beter na te denken voor je een eetbui hebt maar de kans is groot dat je jezelf vooral voedt met negativiteit.

10. Geniet van eten. Een kenmerk bij eetbuien is vaak dat je je eten achter elkaar naar binnen werkt zonder het zelfs maar te proeven. Daartegenover staat weer dat sommige mensen eten puur zien als brandstof en daarom niet durven te genieten van (al dan niet gezond) eten. Eetbuivrij zijn betekent niet dat je nooit meer iets lekkers mag maar je moet hier bewust voor kiezen en van genieten. Ook gezond eten mag trouwens lekker smaken, dus veprlicht je niet op een stengel bleekselderij te knagen als je dat niet lust.

11. Hoe om te gaan met eetbuivoedsel? Verschillende strategieën werken voor verschillende mensen. Voor veel mensen werkt het om de ergste binge foods niet in huis te halen. Dit betkeent geenszins dat het “verboden voedsel” is. Als je eenmaal goed naar je lichaam kunt luisteren en merkt dat je gewoon eens zin hebt in voedsel wat anders een binge food zou zijn, kun je dit halen en zonder schuldgevoel ervan genieten.

12. Heb geduld en wees aardig voor jezelf. Ook nu je nog niet (volledig) hersteld bent, ben je goed zoals je bent. Jezelf accepteren zoals je nu bent, is de eerste stap naar verandering.

Heb jij ook last van eetbuien? En zo ja, heb je nog tips om ervanaf te komen?

Leven met meerdere beperkingen: mijn ervaring met de zorg

Een paar dagen geleden schreef Anne van A-typist een interessante post over comorbiditeit, oftewel het hebben van meer dan één aandoening, ziekte of beperking tegelijk en de gevolgen die dit heeft voor de hulpverlening. Ook ik leef met meerdere beperkingen. Op dit moment zijn alleen mijn blindheid en psychiatrische problematiek gediagnosticeerd. Nou valt autisme, wat hiervoor mijn diagnose was, ook officieel onder pscyhiatrische problematiek. Het is echter niet zo dat een diagnose niks uitmaakt. Vandaag deel ik mijn ervaring met de hulpverlening en de regels hieromtrent. Ik schrijf ook over de gevolgen die het feit dat ik meerdere beperkingen heb hierrvoor heeft.

Wet Langdurige Zorg (Wlz)

Ik val momenteel wat betreft het grootste deel van de zorg die ik ontvang onder de Wet Langdurige Zorg (Wlz). Dit is de opvolger van de AWBZ, die complexe, langdurende zorg in een instelling vergoedt. Alleen als je langdurig (in principe voor de rest van je leven) 24 uur per dag zorg nodig hebt, val je hieronder. Uitzondering op het principe dat de zorg levenslang noodzakelijk moet zijn, is behandeling in een psychiatrisch ziekenhuis die langer duurt dan drie jaar: ook dan val je onder de Wlz. Dit is dus mijn situatie.

In de Wlz is de zorg gebaseerd op zorgzwaartepakketten (ZZP’s), die bepalen hoeveel zorg je krijgt. Het stomme hieraan is dat zorgzwaartepakketten zijn ingedeeld naar primaire aandoening of instelling waar je zorg ontvangt. Ik val dus onder GGZ. Mijn indicatiebesluit vermeldt mijn visuele beperking wel maar hier wordt voor zover ik weet geen rekening mee gehouden bij het bepalen van de zorgzwaarte. Ik vroeg ooit of mijn indicatie eens kritisch bekeken kon worden, omdat ik vond dat ik te weinig zorg geïndiceerd had. Dit kon niet, want bij de twee hogere ZZP’s in de GGZ moest mijn psychiatrishce aandoening veel ernstiger zijn of moest ik bedlegerig zijn. Had ik een ZZP uit de groep visueel gehandicapten gekregen, dan had ik vanwege mijn psychiatrische problematiek wel een hogere indicatie kunnen krijgen en had ik bovendien permanent onder de Wlz kunnen vallen. Ik verblijf echter in een psychiatrisch ziekenhuis, dus moet mijn ZZP op psychiatrische grondslag zijn gebaseerd. Ik raak hierdoor ook eind 2017 mijn indicatie kwijt. Nou wou ik toch al bij mijn man gaan wonen maar toch. Overigens is psychiatrie geen grondslag meer voor de Wlz als je beschermd wilt gaan wonen, in tegenstelling tot alle andere soorten aandoeningen.

Zorgverzekeringswet

Als ik wegga uit de psychiatrische instelling, valt mijn psychiatrische behandeling onder de zorgverzekeringswet (Zvw). Hier speelt het probleem niet zo zeer dat ik ook nog blind ben. Immers, een psychiatrische behandeling is hetzelfde voor iemand die blind is als voor iemand die kan zien. Er speelt hier echter het feit dat de behandeling die je krijgt, is gebaseerd op diagnose-behandelcombinaties (DBC’s). Ik weet niet precies hoe het werkt en of je ook meerdere DBC’s kunt hebben als je meerdere aandoeningen/diagnoses hebt. Als je bij verschillende instanties in behandeling bent, kan dit wel. Zo kun je bij een centrum voor eetstoornissen in behandeling gaan voor bijvoorbeeld anorexia, terwijl je tegelijk voor bijvoorbeeld een depressie bij een andere instelling in behandeling kunt zijn.

Het probleem met DBC’s is dat voor sommige stoornissen een behandeling niet vergoed wordt. Zo ben ik in 2007 opgenomen met de diagnose aanpassingsstoornis. Sinds 2012 is behandeling ovor deze stoornis uit het basispakket geschrapt. Ook moest mijn psycholoog een diagnose op as I stellen (alles wat geen persoonlijkheidsstoornis is) zodat ik opgenomen kon zijn.

Ik ben het, zoals ik al eerder gezegd heb, niet eens met mijn diagnoses. Naast bevestiging dat ik mijn problemen niet verzin om zorg bij mensen op te roepen, gaat het er in mijn geval ook om dat ik meen de juiste zorg te kunnen krijgen op basis van wat ik denk dat de juiste diagnose is: autisme. Ik vrees dat met de diagnose afhankelijke persoonlijkheidsstoornis, ik niet de juiste zorg kan krijgen zelfs al zou het FACT-team waar ik in behandeling ga welwillend zijn.

Ook hulp van Visio of Bartiméus, de Nederlandse instellingen voor visueel gehandicapten, wordt sinds 2015 vergoed vanuit het basispakket. Ik zit nog te twijfelen of ik van Bartiméus hulp wil van een ergotherapeut bij het aanleren van trucjes om thuis zo zelfstandig mogelijk te kunnen leven. Het probleem is hier dat niemand weet waardoor mijn beperkingen op dit gebied worden veroorzaakt: is het mijn blindheid, is het mijn moeite met overzicht houden of mijn lichte motorische beperking (die beide niet gedocumenteerd staan) of is het mijn afhankelijke stoornis? Nu gaat men van dat laatste uit en schijnbaar is de behandeling daarvoor gewoon een schop onder je kont.

Wmo

In de Wmo 2015 (Wet Maatschappelijke Ondersteuning) gaat de gemeente over het al dan niet vergoeden van begeleiding, dagbesteding en andere maatschappelijke zorg. Hier ben je dus overgeleverd aan het beleid van je gemeente en de inschatting van de sociaal consulent die de indicatie stelt. Er zijn echter geen strenge eisen wat betreft diagnose. Ik had, tot mijn dossier werd gesloten omdat het allemaal te lang duurde, ook een goede sociaal consulent die meedacht over mijn situatie. Zo stelde ze voor dat ik bij dagbesteding voor mensen met niet-aangeboren hersenletsel ging kijken. Ik heb die diagnose formeel niet, dus het is nog maar de vraag of ik uiteindelijk hier terecht kan.

Conclusie

In deze post focuste ik me op de regelgeving rond hulpverlening. Wat Anne zegt, dat je voor je ene beperking geen hulp kunt krijgen in verband met je andere beperking, heb ik ook ervaren. Dit komt deels door het feit dat diagnoses en grondslagen de zorg in de Zvw en Wlz dicteren in plaats van iemands persoonlijke situatie. Het is echter deels ook gewoon een kwestie van onwil van de kant van de zorgverleners als je het mij vraagt.

Chiazaad

Vorige week kocht ik een blender. Ik zocht vervolgens wat recepten op om smoothies te maken. Sommige ervan bevatten chiazaad. De foodies onder jullie zullen dit kennen als een superfood, dus ik was ook wel benieuwd. Is het wat?

Hoe eet je het en hoe smaakt het?

Van de meeste superfoods heb ik algauw het vooroordeel dat ze niet te vreten zijn. Dit viel bij chiazaad enorm mee. Het heeft de structuur van maanzaad en laat ik daar nou dol op zijn! Toen ik nog voor mezelf boodschappen deed, kocht ik altijd brood met maanzaad, omdat ik de structuur van de zaadjes zo lekker vond. De mop van de blinde die elke dag twintig maanzaadbroodjes koopt, gaat dus gedeeltelijk op. Chiazaad heeft een naar mijn mening neutralere smaak dan maanzaad maar het mixt prima in een smoothie of kom met overnight oats.

Toen ik voor deze blogpost wat onderzoek deed, kwam ik erachter dat je chiazaad eigenlijk moet weken voor je het opeet, omdat het nogal uitzet. Wist ik veel. Ik vond zelfs dat je het in tien delen water per deel chiazaad twintig minuten zou moeten laten weken. In mijn overnight oats gaat minder water (of melk of amandelmelk) maar het blijft dan wel weer de hele nacht staan. Gisteren probeerde ik eens of chiazaad net zo lekker is als je het weekt. Het wordt dan, zoals velen beschreven, inderdaad een gelei-achtige substantie. Het is echter nog steeds lekker en het is niet zo dat de structuur verloren gaat.

Is het inderdaad zo gezond als men beweert?

Chiazaad bevat veel vitaminen, mineralen en vezels. Zo bevat het onder andere veel calcium, magnesium en kalium. Calcium is goed voor je botten en gebit maar ook voor bijvoorbeeld je spieren. Het zit vooral in melkproducten. Aangezien je vrij veel calcium per dag nodig hebt en niet iedereen (zo veel) zuivel kan of wil consumeren, is chiazaad wat dit betreft een goede aanvulling op je dieet.

Ook het feit dat chiazaad veel vezels bevat, is een goed teken. Vezels zorgen namelijk voor een goede spijsvertering en stoelgang. Hier zitten wel wat haken en ogen aan: je moet bij vezelrijk voedsel veel water drinken om de vezels optimaal hun werk te laten doen. Anders is het effect zelfs averechts en kun je last krijgen van verstopping. Ik drink vrij weinig water en moet hier nodig iets aan veranderen.

Xhiazaad kan veel vocht opnemen. Het zorgt dan ook voor een kunstmatig vol gevoel in je maag, doordat het daar uitzet. Of dit gezond is, weet ik niet.

Wat kost het?

Naast het vooroordeel over de smaak van superfoods als chiazaad, heb ik ook het idee dat ze vaak erg duur zijn. Inderdaad kost een verpakking chiazaad van 250 gram (van het merk Raw Organic Food) bij de Jumbo €4,75 (€19,- per kilo). Maanzaad is echter veel duurder: een verpakking van 54 gram kost €1,96 (€36,30 per kilo). Nou zie ik nooit smoothies met maanzaad en wordt dit ook niet van hetzelfde merk verkocht. Lijnzaad, wel van Raw Organic Food, is dan weer een heel stuk goedkoper dan chiazaad: €2,15 voor een verpakking van 500 gram (€4,30 per kilo).

Conclusie

Chiazaad is lekker en gezond, mits je er voldoende water bij drinkt. Dit kun je natuurlijk alvast ondrvangen door je smoothie met water te maken. Het is wel erg duur.

Heb jij wel eens chiazaad gegeten?

Tien soorten voeding die ik de rest van mijn leven zou kunnen eten

Tjonge, de maand januari is alweer bijna voorbij. Oké, ik start zo’n beetje iedere post met zo’n soort opmerking volgens mij. Vervolgens volgt iets over mijn gebrek aan inspiratie, motivatie of energie voor het schrijven. Het is toch wonderlijk dat ik jarenlang bijna dagelijks kon bloggen (op mijn Engelstalige blog) en nu soms weken voorbij laat gaan? Ik bedoel, ik kan toch al die onderwerpen als inspiratiebron gebruiken? Niet dat ik die onderwerpen altijd zelf verzin. Geregeld zoek ik een schrijfidee op. Vandaag kwam ik via die route het idee tegen om een lijst te maken van tien voedingsmiddelen die je de rest van je leven zou kunnen eten.

Ik ben de laatste paar weken aan het proberen toch weer wat gezonder te eten. Ik schrok namelijk na de feestdagen nogal van het getal op de weegschaal. Riep ik vanaf oktober dat ik het afgelopen jaar nauwelijks was aangekomen, ineens waren er toch weer een paar kilo’s bij. Die zijn er gelukkig inmiddels weer af maar dat wil ik wel graag zo houden. Dromen over eten mag echter. Vandaag deel ik dus een lijst met voedingsmiddelen en gerechten waar ik me voor de rest van mijn leven te buiten aan zou gaan als het gezondheidstechnisch zou kunnen.

  1. Croissants. Ik zou elke dag ontbijten met een paar Franse croissants van bakkerij ’t Stoepje. Oké, ze staan maar eens per week in Wolfheze maarja.
  2. Pizza. Van die lekkere Amerikaanse. Ik ben vooral dol op de Hot & Spicy en de Chicken Supreme van de Domino’s. Bij de Chicken Supreme neem ik dan ook altijd extra Spaanse pepers. Als ik niet binnen no time niet meer door de deur zou kunnen om het te gaan halen, zou pizza zeker een belangrijk standaard hoofdgerecht voor mij worden.
  3. Patat. Dit wordt nu al best een cliché lijsjte.
  4. Knorr wereldgerechten. Ik vind het superjammer dat mijn man niet van rijst houdt, want ik ben hier dol op. Vooral de speciale soorten rijst zoals pandanrijst. De meeste Knorr wereldgerechten bevatten rijst. Ik zou op de dagen dat ik geen pizza als hoofdgerecht neem, zeker een Knorr wereldgerecht nemen, zoals köfta of kip Siam.
  5. Broodjes van de Subway. Ik zou als lunch elke dag een flat bread nemen.
  6. Drop. Als onderdeel van mijn poging tot gezonder leven ben ik vorige week niet naar de stationswinkel in Wolfheze geweest. Daar haal ik vaak meerdere keren per week een zak drop. Ik ben vooral fan van de droptoppers lekker & stevig van Venco. Alleen die vierkantjes met een kruis erop en muntsmaak eraan vind ik niet lekker. Overigens ben ik vandaag wel bij de stationswinkel geweest. Geen drop gehaald. Wel ander ongezond voedsel, want gezond voer wordt daar niet verkocht. Oeps.
  7. Winegums. Ik heb periodes waarin ik één bepaald soort snoep constant eet maar als ik de rest van mijn leven dezelfde soorten eten zou nuttigen, moet ik wel wat kunnen afwisselen. We gaan er immers vanuit dat ik nog een aantal jaar te leven heb. Als ik de droptoppers zat ben, zou ik dus winegums snoepen.
  8. Smoothies. Laat ik ook iets “gezonds” toevoegen in deze lijst. Ik heb vorige week een blender gekocht. Het is alweer de vierde in zes jaar of zo, omdat de vorige allemaal op de één of andere manier snel kapot gingen of er onderdelen verdwenen. Meestal kwam dat doordat ik ze in de keuken van de afdeling liet slingeren. Hoe dan ook hoop ik van deze blender nog een tijd te kunnen genieten. Omdat ik het leuk vind om zelf eten te maken maar niet kan koken, ga ik dus smoothies maken. Mijn man wordt dan wel gefrustreerd van alle bijzondere ingrediënen die ik wil halen. Hij zou echter toch al niet blij worden van mijn Knorr wereldgerechten.
  9. Rood fruit. Natuurlijk is rood fruit lekker in een smoothie maar het is ook zo superlekker.
  10. Cheese twists. Ik noem die dingen altijd “kaasstengels” en dan komt mijn man met iets anders aan. Als ik nog niet bomvol zit van de rest van dit lijstje, zou ik ’s avonds bij iets te drinken cheese twists eten. Dat drinken is trouwens nu al meer een verplichting om te “mogen” snacken.

Zo, dat was virtueel smullen. Nu weer terug naar mijn gezonde gewoontes.

Wat zou jij wel de rest van je leven kunnen eten?

Tien ideeën om van 2017 een topjaar te maken

Het is alweer de derde week van januari en de goede voornemens die ik geen goede voornemens noemde liggen alweer ver achter me zoals het lijkt. Daarom vond ik het mooi dat ik op een Engelstalig blog wat ik volg deze week de schrijfinspiratie vond om een lijst van ideeën te maken om dit jaar je beste jaar tot nu toe te maken. Het moesten er “officieel” twintig worden maar dat is mij niet gelukt. Ik ga deze blogpost misschien ook nog wel in het Engels schrijven maar nu heb ik meer zin om hier te schrijven. Here goes.

1. Genieten van de kleine dingen. Ik kan me soms enorm druk maken om relatief grote problemen. Dit jaar wil ik me daarnaast vooral focussen op de kleine genietmomentjes van de dag. Natuurlijk, ik wil weg uit de kliniek en dat vergt veel inzet en roept spanning op. Ondertussen kan ik dagelijks wel gewoon een waxmelt branden, een douche nemen of een deken om me heen slaan.

2. Mediteren. Ik heb vandaag bij dagbesteding voorgestled om een wekelijkse korte mindfulnessoefening te doen. Minstens één van de begeleiders heeft een mindfulnesstraining gevolgd, dus die kan dat wel begeleiden. Ze vond het een goed idee. Ook als het echter niet door kan gaan, kan ik mediteren. Als iemand goede meditaties weet die online te vinden zijn (niet in een app, want ik heb nog geen smartphone), hoor ik het graag.

3. Bewegen. Ik ben dol op yoga, sommige fitnessoefeningen en wandelen maar doe het eigenlijk veel te weinig. Eén van de andere ideeën die geopperd waren bij dagbesteding, is om meer beweging in te lassen. Ik hoop van harte dat dit doorgaat.

4. Af en toe toegeven aan een ongezonde gewoonte mag. Ik rook of drink niet, dus bij mij is dit vooral eten. Mijn man was voor de feestdagen van plan om gezonder te gaan eten. Mijn eetstoornis-stem protesteerde gelijk, want eten is één van mijn manieren om met mijn (negatieve) gevoelens om te gaan. Bovedien vind ik het gewoon enorm lekker. Gelukkig betekent gezonder eten in mijn mans ogen blijkbaar niet dat we nooit meer iets lekkers mogen, want van het weekend hadden we toch pizza.

5. Minder piekeren. Dit sluit eigenlijk mooi aan op punt 1. Ik wil proberen meer los te laten waar ik geen controle over heb i.p.v. erover te piekeren. Dit is geen “moeten”, want dat werkt niet maar het zou zo mooi zijn.

6. Aromatherapie, kruiden enz. Ik geloof niet heel sterk in aromatherapie of kruidengeneeskunde maar wel een beetje. Ondat het placebo-effect heel sterk kan zijn, kan dit me zeker helpen. Bovendien zijn kruidentheeën gewoon lekker en ruiken etherische oliën fijn. Ik wil me meer hierin gaan verdiepen.

7. Mezelf verzorgen. Ten eerste wil ik eraan werken om regelmatiger mijn tanden te poetsen (ja, dit vergeet ik echt heel vaak, oeps!). Ik wil echter ook aandacht besteden aan mijn lichaams- en gezichtsverzorging. Voor een deel omdat mijn vrij droge huid wel wat verzorging kan gebruiken maar ook omdat ik het gewoon heerlijk vind.

8. Schrijven. Ik bedoel hier niet eens zo zeer bloggen mee. Ik heb ook een dagboek en wil me daar meer op gaan richten.

9. Creatief bezig zijn. Naast schrijven vind ik nog wel meer creatieve uitlaatkleppen belangrijk. Zeep en verzorgingsproducten maken natuurlijk maar ik heb wel meer dingen gedaan en heb nog wel meer ideeën. Moet alleen wel oefenen met het kunnen omgaan met frustraties in het creatieve proces (en in het leven!).

10. Structuur. Het is voor mij vooral belangrijk dat ik een goed dag- en nachtritme aanhoud. Ik ben verder niet zo’n structopaat maar moet wel voldoende te doen hebben op een dag.

Ik hoop dat ik jullie ook geïnspireerd heb met deze ideeën. Heb jij nog andere ideeën om dit jaar je beste jaar tot nog toe te maken?

Terugblik #6: feestdagen, nieuwe dagbesteding en leuke aankopen

Tjonge, alwéér een week niet geblogd. Ik had zó graag meer willen bloggen maar ik ben zo moe en nu ook nog eens snipverkouden. Ik geef mijn ouders de schuld. Nou was ik met oud en nieuw bij ze en zo lang is de incubatietijd van verkoudheid niet. Ik heb het dus vast telepathisch van ze overgenomen toen ik maandag mijn moeder aan de telefoon had. Ik wilde haar namelijk vertellen dat mijn man zijn vrachtwagerijbewijs heeft gehaald. Echt superleuk! Hij grapte al dat hij me dinsdag met één of andere Volvo-vrachtwagen zou komen ophalen, omdat hij onze Suzuki Alto gelijk had ingeruild. Doe toch maar niet.

Ik heb nog best wel wat ideeën voor blogposts maar wil ook even terugblikkne op de afgelopen tijd. Vandaag kun je dus lezen over mijn feestdagen, mijn nieuwe dagbesteding en een paar leuke aankopen die ik de afgelopen tijd gedaan heb.

Feestdagen

Eerste Kerstdag waren mijn man en ik bij mijn schoonouders. Mijn twee schoonzussen waren er ook. Mijn man had bedacht dat we kipdrumsticks zouden eten. Kip is namelijk zo’n beetje het enige vlees wat we allemaal graag lusten. Helaas werden het kippenbouten. Niks mis mee behalve dat het lastig te eten is voor mij. Verder hadden we Actifry-patat en volgens mij stoofpeertjes. Nog wel meer ook maar dat ben ik vergeten. Het was lekker. Als toetje maakte mijn man voor mij een crème brûlée. Nou ja, niet helemaal zelf. Hij ging wel met een gasbrander in de weer om de suiker te karameliseren. Vond ik best eng maar wel super lief. Ik was wel behoorlijk snel geprikkeld tijdens d e Kerst.

Tweede Kerstdag ging ik daarom al vrij snel naar de afdeling terug. ’s Middags heb ik vooral op mijn kamer gezeten. Als avondeten hadden we een soort buffet in de hal van de twee groepen die bij mijn afdeling horen. Ook best druk.

Met oud en nieuw reisden mijn man en ik af naar oost-Groningen, waar mijn ouders wonen. Mijn zus en haar man waren er ook. We vierden naast oud en nieuw ook een beetje mijn vaders verjaardag, omdat ik in elk geval dit weekend, als hij daadwerkelijk jarig is, niet naar Groningen ga. We gaven mijn vader een startersset Raspberry Pi.

Verder aten we ons bol en rond. Mijn moeder had oliebollen en appelflappen gebakken en ook nog appeltaart. ’s Avonds aten we rijst met kip. MIjn man houdt niet zo van rijst en ik zei dat hij dan pech had. Vond hij niet leuk, omdat hij wel zijn best had gedaan voor mij iets lekkers te regelen met Kerst. ik was ook weer behoorlijk snel geprikkeld. Gelukkig zijn de feestdagen nu voorbij.

Dagbesteding

Eind december ben ik gestart bij een nieuwe dagbesteding. Het is ook op het terrein van de instelling waar ik verblijf maar dan niet bij de afdeling. Ik heb afgesproken dat ik hier één keer per week twee uur naartoe ga. Ik maak dan een zeepje en besteed de rest van de tijd aan computerwerk. Had eigenlijk woensdag, toen ik er was, deze blogpost willen schrijvne maar kon me niet concentreren. Het zeep maken ging in eerste instantie ook minder goed dan ik gewend ben maar uiteindelijk heb ik toch een paar fijne zeepjes gemaakt.

Aankopen

De afgelopen week kwamen er twee pakketjes binnen met spullen die ik had besteld. In het eerse zaten gietzeepbasis voor het zeep maken, een heleboel etherische oliën en abrikozenpitolie. Die etherische oliën gebruik ik vooral voor in mijn AromaStream® verstuiver, aangezien ik het lastig vind te onthouden welke wel en niet geschikt zijn voor in verzorgingsproducten. Nu ik verkouden ben, heb ik een mengsel van pepermunt- en eucalyptusolie erin. Die abrikozenpitolie wil ik gaan gebruiken als basisolie voor in crèmes of bodylotions. Ik had namelijk tot nu toe alleen amandelolie.

In het tweede pakketje zaten een aantal nieuwe waxmelts, zowel van Yankee Candle als van Woodwick. Als ik niet meer verkouden ben en weer wat beter kan ruiken, schrijf ik weer eens een post met de geuren die ik gebrand heb.

En verder…

Na het conflict met mijn behandelaar liet ik haar maar een beethe met rust. Begin december heeft ze me aangemeld voor een second opinion over mijn diagnose. Ik hoorde hier steeds niks van. Heb deze week dus toch maar even gevraagd hoe het ermee stond. Bleek dat de instelling waar ik de second opinion ga halen, mij een brief had gestuurd met toestemmingsformulieren om mijn dossier te mogen inzien. Die brief is nooit aangekomen. Nou zei mijn psych dat ze hier ook wel van die formulieren hebben en dat ze me er wel één onder de neus zou duwen. Dat heeft ze nog niet gedaan. We wachten af.

Hoe waren jullie feestdagen? Blij dat ze voorbij zijn?